Een massage en zijn voordelen

Een massage en zijn voordelen

Ik ga eens een blogje uitwerken over de babymassage.

Wat is Shantala babymassage?

Wat is nu die shantala babymassage waar ik zoveel reclame voor maak? We kennen allemaal de ‘gewone’ babymassages. Hierbij staan aanraking en quality-time voorop en gaan we de baby masseren dmv olie en zachte aanrakingen.

De shantala babymassage heeft een ietwat andere insteek. Aanraking en quality-time zijn zeer belangrijke factoren, maar hier gaan we met de baby als persoontje aan de slag. En niet alleen met zijn lijfje. We gaan dus zowel met zijn innerlijke persoontje aan de slag als met zijn lijfje. De aanrakingen gebeuren met een bepaalde druk van onze handen en zullen de spanningen gaan losmaken in het lijfje en door de aanwezigheid van mama of papa, die de massage geeft, kan het kleintje zich ontladen in een veilige omgeving. Dit geeft zelfvertrouwen en rust. Het kleintje voelt zich geliefd en de hechting tussen ouder en kind wordt alleen maar verbeterd. Ideaal om er een dagelijks ritueeltje van te maken.

Voor wie is zo’n babymassage

Hoewel de naam al een stukje weggeeft, is een babymassage dus ideaal voor kleine baby’s. Dit kan vanaf de geboorte, maar is perfect voor kindjes tot 5-6 jaar. Je kleintje zal hier zelf om beginnen vragen, eens het de massage kent en het fijn vindt om zo’n momentje te hebben.

Hoewel deze vanaf de geboorte kan uitgevoerd worden, is het voor een pasgeboren baby soms ook wel veel ineens. Voor de allerkleinsten gaan we de massage opdelen in stukjes en bouwen we de massage op tot het uiteindelijk mogelijk is om de hele massage te doen.

Bij grotere kindjes kan je ook goed zien wat ze wel en niet fijn vinden. De massage is een geheel, dus bij voorkeur voeren we zo ook in één geheel uit, ook de stukjes die de kindjes misschien niet zo fijn vinden, omdat elke beweging zijn eigen effect heeft. Het kan zijn dat een beweging niet fijn aanvoelt, niet omdat het geen leuke beweging is, maar omdat het net dat stukje spanning vrijmaakt, wat misschien voor je kleintje een heel raar gevoel geeft. En dan is het net fijn dat dat stukje spanning weg is.

Maar soms kan een stukje uit de massage, waarvan je weet dat je kleintje het heerlijk vindt, net dat drempeltje wegnemen tussen wakker blijven en heerlijk diep in slaap vallen. Vele kindjes vinden het fijn om op de rug geaaid te worden, maar door enkel het ruggetje te masseren, gaat je kindje helemaal ontspannen en in slaap vallen.

Wanneer doe je zo’n babymassage?

Er is niet echt een ideaal tijdstip. Maar het resultaat is meestal wel een slapend kindje of een heel vermoeid kindje. Dus dit maakt dat zo tegen bedtijd of dutjestijd een ideaal moment is om te gaan masseren.

Maar er is ook een aanvulling op deze massage: krampjes. De massage kan uitgebreid worden met massage-oefeningen speciaal om je kindje te helpen bij krampjes. Deze oefeningen kan je wel los van de massage ook doen en is ideaal om net voor een pamperwissel te doen, aangezien het wat kan losmaken 😉

Tijdens deze oefeningen gaan we de darmpjes wat extra verwennen. De druk die we geven tijdens deze behandeling gaat de (vastzittende) stoelgang een duwtje geven, zodat deze verder kan. Hierbij respecteren we uiteraard de ligging en de werking van onze darmen.

Deze oefeningen kan je ook bij jezelf uitvoeren als je last hebt van krampen.

Wat gebeurt er tijdens zo’n massage?

De Shantala babymassage is bedoelt om ook met het lichaampje van je baby aan de slag te gaan, maar ook met de ziel van je kleintje. Het biedt tal van voordelen:

  • Het is een manier van communiceren: Een baby huilt, grijpt, voelt, steekt alles in zijn mond,… Maar een baby praat niet. Het huilen, grijpen en voelen, zijn allerlei manieren om te communiceren. Ook aanraking is een manier van communicatie. Het toont jouw liefde voor je baby. Deze ‘taal’ voelt je baby haarfijn aan.
  • Het biedt ontspanning en geborgenheid: Een effect van het masseren is dat het stresshormoon “Cortisol” verlaagt en oxytocine verhoogt. Dat laatste is het knuffelhormoon. Een massage geeft zowel jouw kleintje als jezelf een prettig en geborgen gevoel.
  • Persoonlijke en cognitieve ontwikkeling: Een baby heeft geen idee van waar zijn lichaam stopt. Door te masseren (en dragen) wordt een baby zich veel bewuster van zijn lichaam. Ook het tastzintuig van de huid ontwikkeld zich. De isolerende laag “Myeline” neemt toe, wat resulteert in een beter communicatie tussen de hersenen en het zenuwstelsel.
  • Stimuleren van alle lichaamssystemen: De massage werkt niet alleen in op de huid, maar heeft ook invloed via de huid, op de bloed- en lymfecirculatie. Het kan helpen om spieren en gewrichten beter te ontspannen en te verstevingen en de doorbloeding te verbeteren.
  • Bevorderen zelfgenezende kracht: Onbewust worden ook de reflexzones gestimuleerd. Je baby kan hierdoor huilen, omdat er spanningen loskomen. Het stimuleert ook de doorstroom van de levensenergie. Hierdoor wordt het immuunsysteem versterkt.

TummyTub

Een babymassage kan afgesloten worden met een heerlijk badje in de TummyTub.

De TummyTub lijkt op een emmer, maar er nagedacht over het hele ontwerp.

Zijn eigenschappen:

  • Is gemaakt van recycleerbare materialen, zonder schadelijke stoffen.
  • Je kan je baby heel de tijd zien, doordat deze transparant zijn
  • Er is onderaan een rubbere ring voorzien, waardoor het badje niet wegschuift
  • Het onderste gedeelte is smal, zodat je baby niet onder water kan glijden
  • De bovenrand is breed, zodat je er als volwassene je schouders op kan leunen
  • De diameter is zo bepaald, dat het water- en energiebesparend is.

Voordelen voor je kleintje:

  • Het biedt een geborgen gevoel
  • Je baby kan de foetushouding aannemen, vergelijkbaar als in de baarmoeder
  • Deze houding en temperatuur zullen je baby doen ontspannen
  • Indien je baby langer dan 5min in het badje zit, zal het heerlijk slapen
  • De houding en de temperatuur zullen krampjes doen verlichten
  • Er is minder last van de zwaartekracht, dus ze hebben meer controle over hun motoriek.

Voordelen voor de ouders:

  • Het weegt heel weinig
  • De baby is gemakkelijk vast te houden
  • Het is gemakkelijk op te bergen
  • Water blijft gemakkelijk op temperatuur

Kortom

De babymassage is een mooie aanvulling op het dragen. Het raakt dezelfde vlakken aan, namelijk: vervullen van basisbehoeftes, zoals veiligheid, geborgenheid en het helpt je baby zichzelf veel beter kennen. Je kleintje zal helemaal ontspannen en prikkels verwerken, met als een heerlijk dutje als mogelijks resultaat.

Wat kan ik nu voor je doen?

Heb je interesse om de babymassage aan te leren? Er zijn verschillende mogelijkheden om dit te doen.

  • Consult aan huis: Ik kom graag met het nodige materiaal tot bij u thuis. Ikzelf breng een pop mee, om de massage te tonen. Ik leer jou hoe je je baby masseert. Je baby geeft het ritme aan. Na een consult laat ik graag een stappenplan bij je achter, zodat je deze massage nog dikwijls kan doen. En mocht je het er toch nog moeilijk mee hebben, dan blijf ik beschikbaar voor vragen.
  • Workshop in Het Helderhuis: Sinds oktober 2020 geef ik elke woensdagvoormiddag een workshop in het helderhuis, te Sint Antonius, zoersel. Dus ook daar ben je van harte welkom om de babymassage aan te leren. Neem gerust een kijkje op mijn facebookpagina voor de geplande evenementen.
  • Online consult: ook online zijn er mogelijkheden. Dit is gelijkaardig aan het consult aan huis, alleen is het moeilijker om materiaal voor jou te voorzien. Maar de techniek kunnen we samen doornemen. OOk hier blijf ik nadien bereikbaar.

Heb je nog vragen? Stuur me gerust een berichtje via facebook, instagram of whatsapp of stuur een mailtje!

groetjes,

Sien xxx

Een weg tussen de draagsystemen

Een weg tussen de draagsystemen

De draagwereld is groot. En dit kan afschrikken. Zeker als je nog niet goed weet wat je wil en welke richting je uit wil. De meeste babywinkels zijn ook redelijk commercieel ingesteld en willen verkopen, dus kunnen geen gericht advies geven. Al merk ik daar wel een ommekeer en probeert men wel de kennis bij te schaven op dit vlak.

Ergonomisch vs niet-ergonomisch

Allereerst is er een belangrijk onderscheid te maken tussen ergonomische en niet-ergonomische draagsystemen. Dit is wel belangrijk, want de ergonomische draagsystemen gaan je helpen dragen, met respect voor het lichaam van de persoon die draagt en met respect voor het lichaam van je kleintje. Van baby tot kind.

Wanneer een kindje wordt geboren, bezit deze nog oerinstincten. 1 van deze instincten is de houding die kindjes aannemen om zich vast te klampen aan de mama. Dat is de welbekend M-Houding en dat is ook de houding die wij gaan ondersteunen bij het dragen.

Daarnaast gaat een ergonomisch systeem ook je kindje een geborgen en veilig gevoel geven. Deze systemen gaan je kindje fysiek begrenzen, wat rust kan geven aan je kindje en de allerkleinsten kunnen zich hierdoor weer in de baarmoeder wanen. Dit in combinatie met wat ze ruiken en horen (bijvoorbeeld: de bekende hartslag van de mama).

De niet-ergonomische houding missen heel veel steun voor zowel de persoon die draagt als je kindje dat je aan het dragen bent. Je zal merken dat dit niet zo’n probleem is als je kleintje nog een kleine baby is, maar eens deze groter worden, ga je dit wel voelen. Daarnaast is dit geen natuurlijke houding en dit kan een negatieve impact hebben op je kleintje. (vb: Stokke, BabyBjorn).

Een tip dat ik hier al eens durf geven: hoe meer een draagzak reclame maakt over een samenwerking met dokters en heupspecialisten, hoe minder je het product moet geloven. De ergonomische draagsystemen hebben deze ‘reclame’ niet nodig, omdat ze overduidelijk ergonomisch zijn en ook in vele ergonomische artikels teruggevonden kunnen worden of op de ergonomische draagmarkt.

Een dieper zicht in de ergenomische draagsystemen

Maar ook als je je verdiept in de ergonomische draagsystemen, is er nog heel veel op de markt. Vele verschillende systemen, vele verschillende merken, verschillend blends,… Dus graag geef ik hieronder een overzichtje van wat er zoal is en waar je op kan letten bij het kiezen van een draagsysteem.

Rekbare draagdoeken

De meest gebruikte draagdoeken die ik tegenkom tijdens de consulten, zijn de rekbare draagdoeken. Deze zijn ideaal voor de newborn, maar hebben een beetje een beperking richting de grotere kindjes. Deze draagdoeken rekken en zijn zacht.

Deze zijn ideaal om te gaan buikdragen, vanaf de geboorte tot als merkt dat hij niet meer perfect zit.

Wil je gaan heupdragen of gaan rugdragen met een rekbaar draagdoek? Dit is zeker mogelijk, maar vereist de nodige aandacht. Het is zeker niet iets wat iedereen doet, maar het kan wel 🙂

Voordelen
  • Je kan dit doek thuis knopen en op verplaatsing je kindje erin plaatsen. Bij dit doek ga je hem eerst helemaal knoopklaar maken en als laatste plaats je je kindje erin. Dit maakt dat je thuis op je gemak dus heel het doek kan knopen en of het nu regent of geregend heeft, ter plaatse plaats je je kindje en je bent klaar.
Nadelen
  • Een rekbaar draagdoek koop je beter niet 2de hands: Een rekbare draagdoek is misschien niet de beste drager om 2de hands te kopen. Ze zijn niet zo heel duur en de rek kan wel eens beschadigd zijn, waardoor je de nodige ondersteuning mist.

Geweven draagdoeken

Een geweven draagdoek is een draagdoek die niet meerekt, maar dus geweven is. Deze kunnen perfect gebruikt worden vanaf de geboorte en de meeste zelfs ook tot de kindertijd. Al hangt dat wat af van hoe je doekje samengesteld is.

Deze doeken laten zowel buikdragen, heupdragen en rugdragen perfect toe. Niet alle houdingen worden vanaf de geboorte aangeraden, maar als je weet dat een newborn perfect op de heup van de mama past (iets met natuur en zijn heerlijke overlevingstechnieken), dan is buikdragen en heupdragen zeker een optie.

Het rugdragen raad ik je meer aan als je kindje al wat ouder is. Rugdragen vraagt een andere houding van je kindje en hoe stabieler het nekje, hoe meer bekwaam je kleintje is om te rugdragen. Meestal merk ik dat kindjes die zelfstandig kunnen zitten en iets oprapen, zijn klaar om op de rug gedragen te worden.

Een geweven draagdoek komt er in verschillende blends. Een blend is een samenstelling van verschillende stoffen. Je hebt doeken van enkel katoen, maar ook doeken met een samenstelling van katoen en linnen, katoen en wol of katoen, linnen en wol. Alles kan.

Geweven doeken komen ook in verschillende maten. Zo heeft elke maat zijn eigen mogelijkheden, maar kun je met een korte maat niet hetzelfde als met een lange maat.

Voordelen
  • De verschillende blends maken dat je een heerlijk zomerdoekje kan kopen, maar ook een warm winterdoekje. Alles kan
  • De nieuwe doeken zijn stug en moeten zacht gemaakt worden. Een geweven doekje kan je perfect 2de hands kopen en deze hoeven niet meer zacht gemaakt worden.
Nadelen
  • De meeste knopen knoop je ter plaatse en worden dus niet op voorhand geknoopt worden.

Ringsling

Waar de vorige systemen en de volgende systemen symmetrische dragers zijn, m.a.w. deze systemen gaan op beide schouders dragen, is dit een asymmetrische drager. Je gaat op 1 schouder dragen en je gaat niet knopen. Deze drager heeft 2 ringen waar je het doek doorgaat brengen om zo te gaan dragen. Het doek zal zich gaan vastzetten op de ringen.

De ringsling is een heupdrager en kan gebruikt worden vanaf de geboorte tot de kindertijd. Persoonlijk plaatste ik mijn baby al wat meer op mijn buik ipv echt op de heup, wat maakt dat je meer aan het buikdragen bent, maar het is niet zo uitgesproken als bij de andere methodes. Wanneer je kindje groter is, kan het soms al voldoende zijn om je kindje onder de billen te ondersteunen, om zo gewicht van je arm te halen. Idealiter draag je mooi ergonomisch, maar ook een kind van 5/6 jaar kan ondersteund worden, zonder volledig gedragen te worden.

De stof van de ringsling zijn voornamelijk geweven doeken. Door de ringen is er geen nood aan knopen, wat ook betekent dat deze ‘sneller geknoopt’ kan worden. Maar ook hier leert ervaring me: hoe meer je een systeem gebruikt, hoe gemakkelijker dat dit wordt. Ongeacht het type dat je kiest 🙂

Voordelen
  • Hoef niet geknoopt te worden, wat maakt dat deze soms ‘gemakkelijker is’.
  • Kan perfect als een sjaal meegomen worden en dus gemakkelijk mee te nemen.
  • Kan vanaf de geboorte, maar ook grotere kindjes kunnen ondersteund worden.
  • kan 2de hands aangekocht worden.
Nadelen
  • asymmetrische drager en je arm waarop je knoopt is minder bruikbaar dan bij de andere systemen.

Mei tai

De mei tai is een mooie combinatie tussen een draagdoek en een draagzak. De mei tai heeft een voorgevormd rugpand en doekbanden om het rugpand mooi te gaan knopen. Deze zijn meestal niet onmiddellijk vanaf de geboorte te gebruiken, maar vanaf een x aantal maanden. Persoonlijk vind ik deze echt heel aangenaam en groeien de kindjes heel mooi in.

Perfect voor te buikdragen en de heupdragen.

Graag maak ik hier ook even een onderscheid tussen de mei tai en de half buckle. Bij de mei tai knoop je de buikband vanachter vast. De half buckle is een mei tai, maar de buikband is een gesp, ipv doekbanden. De meeste half buckles kun je zo gaan instellen dat ze Wel bruikbaarzijn voor de newborns.

Voordelen
  • Mooie combinatie tussen draagzak en draagdoek.
  • 2de hands te kopen
  • halfbuckles kunnen vanaf de geboorte gebruikt worden
Nadelen
  • Niet elk model perfect voor de newborns
  • Heupdragen kan wel, maar is niet gebruikelijk.

SSC

SSC is afkorting voor Soft Structured Carrier. Dit zijn de draagzakken. Ook de ergonomische draagzakken kunnen volledig afgestemd worden op je kindje. Door alle nodige gespen aan te trekken, krijg je een mooi passend geheel, wat voor een begrensd, veilig en geborgen gevoel kan zorgen.

De meeste modellen zijn te gebruiken, niet vanaf de geboorte, maar wel vanaf heel vroeg tot zo rond kleutertijd. Dit is heel afhankelijk van het model dat je kiest. Er zijn merken die zich net toespitsen op de allerkleinsten (Hoppediz, Isara) en er zijn er die er ook voor de grotere kindjes op de markt brengen. Meestal wordt een draagzak gebruikt om te gaan buikdagen en/of rugdragen, maar niet voor het heupdragen. Maar het kan dus wel. 🙂

Er zijn vele verschillende modellen.

  • Een basismodel voor baby’s: deze werken meestal met maten. Het rugpand kan al een beetje versteld worden, maar de knie-tot-knie-ondersteuning blijft hetzelfde. (vb: Tula Baby, LennyGO Baby, Ergobaby original)
  • Een basismodel voor toddlers: Deze zijn de opvolgers voor het basismodel voor baby’s. Deze werkt ook met maten, met het rugpand dat al eens versteld kan worden, maar de niet aanpasbare knie-tot-knie-ondersteuning. (vb: Tula toddler, LennyGo Toddler)
  • Een meegroeimodel: Deze modellen zijn de meest recentere modellen. Hierbij kan je de knie-tot-knie-ondersteuning en het rugpand gaan aanpassen op je kleintje en krijg je optimale ondersteuning voor zowel je baby als je peuter. Deze modellen zijn er ook voor de grotere kindjes onder ons 🙂 (vb. Tula free to grow, LennyUpGrade)
  • De preschool-modellen: deze zijn er voor echt de grotere kindjes. Ook hier kan de knie-tot-knie-ondersteuning en het rugpand aangepast worden obv je kindje. (bv: Tula preschool, Lenny Preschool).
BuikdragenHeupdragenRugdragen2de hands kopen
Rekbaar draagdoekJaJa*Ja*niet aangeraden
Geweven draagdoekjaJaJaJa
RingslingJaJa*Ja
Mei TaijaNeen*JaJa
SSCJaNeen*JaJa
Overzicht van de draagsystemen (* mits nodige ervaring)

Besluit

Voila, zo hebben jullie alweer een overzichtje van wat er zoal is en welke waarvoor gebruikt worden. Mocht je nog vragen hebben of opmerkingen, dan mag je ze gerust doorsturen!

Ben je benieuwd om alles een keertje te zien, te voelen en te proberen? Je kan bij mij materiaal huren om te proberen. Daarnaast heb ik ook een consult waarbij ik alle verschillende systemen graag meebreng tot bij u en samen met draagpoppen kunnen we dan eens knopen. Ideaal als je zwanger bent, zodat je een bewuste keuze kan maken voor op je geboortelijst.

Groetjs en veel draagplezier!

Sien

Waarom babydragen

Waarom babydragen

In mijn vorige post konden jullie dus lezen hoe het dragen mijn hart heeft veroverd. Maar waarom dan precies? Wat is er nu zo spectaculair aan dragen? Dat leg ik je graag in deze post uit. En dat je vrije handen krijgt, dat laat ik er eventjes uit 🙂

Dragen is natuurlijk

Dragen is iets wat we van nature al doen. Iedereen draagt zijn baby/peuter/kleuter/kind al wel eens op zijn arm of op zijn heup. Dat is niet zo abnormaal. Dat is gedrag dat teruggaat naar de oertijd, waarin de mens niet de tijd had om met zijn kind rond te lopen, toen moest er gejaagd worden en vooral: men moest overleven. Mensen hadden lange haren en de baby’s klampten zich dan ook vast aan hun ouders. En als je die houding bekijkt, dan zal je zien dat deze heel erg overeenkomt met de houding die we vandaag ook ondersteunen bij het ergonomische dragen. De aapjes doen dit vandaag de dag nog zo.

Als je de zoogdieren gaat opsplitsen in verschillende groepen, dan kom je op 3 groepen uit:

  • Verstoppers: De baby’s worden verstopt en maken ook enkel maar geluid als hun moeder in de buurt is.
  • Vluchters: de baby’s worden geboren en moeten onmiddellijk op hun benen kunnen staan om mee te gaan met de kudde.
  • Dragers: De baby’s worden onaf geboren en hebben grijpreflexen om zich vast te klampen aan hun ouders. Ons hele lichaam en dat van onze ouders is hierop afgestemd.

https://www.babylonia.eu/nl/lees-alles-over-babydragen/waarom-moeten-babytjes-gedragen-worden-de-biologische-verklaring

Geboren voor op de heup

Als we dan toch al terug in de oertijd zitten of ergens tussen de apen, dan merk je ook dat die baby’s op de heup worden gedragen. Reflecteren we dat terug naar vandaag, zal je ook zien dat we automatisch gaan heupdragen. Opnieuw niet zo’n heel gek iets, als je weet dat een pasgeboren baby perfect past op de heup van de pasgeboren mama.

Bij het heupdragen is de hele wijde wereld ook zichtbaar voor je kleintje. Zijn de prikkels hem/haar teveel, dan kan hij zich afsluiten door zijn hoofdje tegen je oksel te leggen en zich op dat moment te ontprikkelen. Zo kan de verwerking onmiddellijk plaatsvinden.

Het vervult behoeftes

Een baby wordt geboren met behoeftes. Dat is zo gek nog niet 🙂 En wij proberen ook vele behoeftes te vervullen: als de baby honger heeft, geven we hem eten, als de baby een vuile pamper heeft, verversen we deze pamper.

Maar naast deze basisbehoeftes zijn er nog behoeftes die we meestal niet zo snel erkennen als een behoefte. Veiligheid, bijvoorbeeld. Een baby voelt zich graag veilig en geborgen. En niet alleen baby’s, dit geldt evengoed voor peuters, kleuters, kinderen, tieners,… Iedereen. En ook daar kan dragen bij helpen. Een draagsysteem gaat mooi aansluiten op je kind, waardoor deze de grenzen van zijn eigen lijfje kan voelen. Waardoor je kindje zich geborgen voelt en waardoor hij zich veilig voelt. Daarnaast zorgt de nabijheid van de ouder ook voor dat veilige gevoel. En dan heb ik het nog niet over de geur die je kindje ervaart en het horen van die vertrouwde hartslag. ❤

Hoe meer een basisbehoefte vervuld wordt, hoe meer dat een kindje zich gehoord gaat voelen en hoe zelfzekerder je kindje zal zijn.

Het stimuleert je kindje

Het is ondertussen misschien al wel duidelijk op hoeveel vlakken dragen kan helpen. Maar er zijn nog positieve eigenschappen.

Wanneer een kindje wordt gedragen, neemt het deel aan de gesprekken van de persoon die het kindje draagt. Het leert gezichten lezen en gevoelens af te lezen. Het leert woorden te onthouden en bevordert de spraak op latere leeftijd.

Daarnaast leeft het meer met je mee. Wanneer een kindje zich veilig en zelfzeker genoeg voelt, zal het ook durven loslaten en de wereld gaan verkennen.

Zijn er dan ook nadelen aan dragen?

wat ik soms als een nadeel durf erkennen aan het dragen is dat het verslavend kan werken. Het is een hele wereld die voor je opengaat, met elke dag/week/maand tal van nieuwe designs. Dus het is niet altijd even goed voor je portefeuille.
Maar oké, een nieuwe buggy kost ook al snel veel centjes, dus je kan je wel al uitleven qua draagmateriaal. Daarnaast zijn ook vele draagsystem perfect tweedehands te kopen. Nieuw kunnen ze al eens stug zijn en dat heb je niet bij een tweedehands model.

Zoals je leest, er zijn vele voordelen verbonden aan het dragen. Dit zijn de eerste die in mijn hoofd opkwamen, maar er is nog veel meer dan dit. De reden waarom dit meer voor- als nadelen heeft, is omdat het zo natuurlijk is.

Mocht je nog vragen hebben, stuur ze me gerust!

Tot de volgende!

xxx Sien

Aangename kennismaking

Aangename kennismaking

Hallo, ik ben Sien. Ondertussen al 34 jaar. Ik ben fier mama van 2 kindjes. Ik ben nieuw in het bloggen en ben niet zo’n schrijfster, maar ik ga me er toch een keer aan wagen.

De reden dat ik vandaag start met bloggen is omdat ik morgen officieel start in Het Helderhuis. Dat is een praktijk hier in het dorp en daar mag ik workshops geven. Best spannend allemaal.

Ik kijk er enorm naar uit en kan dus ook niet slapen van de zenuwen. Ik lig, as we speak, tussen mijn slapende kindjes dit te schrijven. Want schrijven helpt, het helpt me rust te brengen in mijn hoofd.

Maar hoe ben ik nu gekomen bij die workshops? Dat is een verhaal dat terug gaat tot september 2014. Toen werd ik voor het eerst mama. De buren hadden al een baby sinds januari, dat veel werd gedragen. Je raadt het al, zo heb ik het dragen leren kennen. Aangezien die baby zo vrolijk was, wist ik het: ik zou ook gaan dragen. Dus ik zet een draagdoek en een draagzak op de geboortelijst.

Mijn god, wat is zo’n draagdoek lang. Meters aan stof, een vage handleiding en een pasgeboren baby. Ik begin er nog niet aan. Samen met mijn buurvrouw heb ik me er toch aan gewaagd en zijn we dus begonnen aan ons draagavontuur. Na een half jaartje ben ik een workshop in hartje Antwerpen gaan volgen en zo leerde ik de term ‘draagconsulente’ kennen. Wat was ik gefascineerd!

Ik ben dat wereldwijde web beginnen afzoeken naar hoe je in godsnaam draagconsulente werd. En uiteindelijk me ingschreven voor de basisopleiding bij ‘Die trageschule’. Alweer een stapje dichter naar het leven als draagconsulente.

Ondertussen zat ik thuis met een baby die veel huidhonger had. Ik had al heel wat termen bijgeleerd als jonge mama en had zo’n geloof in dat moedergevoel dat ik wel moest volgen. Ik merkte al snel dat die oorspronkelijke opvoedingsplannen plaats moesten maken voor andere plannen. Dat dat kamertje later wel van pas zou komen en dat dat huilen echt wel een middel van communiceren was en niet zomaar te negeren viel. Maar ik leerde ook dat dit mijn mening was en dat jonge mama’s kwetsbaar zijn en zich gemakkelijk van de wijs laten brengen door “mama’s die meer ervaring hebben”.

Mijn baby werd groter en ook mijn fascinatie voor dat hummeltje. Wat kan zo’n baby al veel. De basisopleiding was enorm leerrijk en stiekem merkte ik dat ook ik best wel een draagconsulente had kunnen gebruiken om de correcte manier dan het doek te leren. Ik deed het niet zo heel goed, weet ik nu 😅.

Ik merkte na deze op opleiding al snel de nood aan meer. En er was meer, de gevorderd-opleiding. Ik schrijf me in en in die mee. Mijn fascinatie groeit met de dag.

Tijdens die 2de opleiding ben ik zwanger van baby #2. Ik wist al direct: dit doe ik anders dan baby#1. Ik ging veel bewuster met alles om en ben veel bewuster bevallen. Prachtig. Ik heb geen andere woorden voor mijn bevallingen.

Maar baby#2 was een specialleke en bracht ons leven een hele andere wending. Een medische wending. Dus ik stopte tijdelijk mijn beroep en mijn bijberoep als draagconsulente. Mijn baby#1 werd stilaan een kleuter met zijn eigen manier van leven. Zijn speciale manier van leven, dat was al wel duidelijk. Na enkele woelige jaren doorgesparteld te hebben, zitten we sinds 2019 weer in rustiger vaarwateren.

Ik herneem mijn activiteiten en vervolledig mijn opleiding als draagconsulente door de opleiding van certificering te gaan doen. De cirkel is rond. 🥰

Maar toch… Toch blijf ik met ideeën spelen. Toch blijf ik verlangen naar meer kennis rond baby’s en kinderen. Ondertussen blijkt kind#1 hooggevoelig te zijn en dat maakt dat ik mijn opleidingen wat afstem op zijn noden.

Dus ik volg een opleiding Babymassage. Eentje gericht op de interactie tussen ouder en kind. Eentje die de ontspanning geeft die we gewoon zijn, maar die ook mooi aansluit op mijn gevoel van opvoeden. Die de belangen van nabijheid, veiligheid en geborgenheid benadrukt. En daar is Shantala een mooi resultaat van geworden.

Maar mijn kind #1 is zopas gestart in het 1ste leerjaar. Dus een babymassage kan al wel wat losmaken, maar toch wil ik iets dat afgestemd is op zijn lijfje. Dus dit najaar doe ik een opleiding kindermassage. En wie weet wat de toekomst nog brengt.

Maar kijk, dit is hoe ik tot op vandaag ben gekomen. Door de geboorte van mijn zoontje. Ik gooi mijn oog op het uur en zie dat ik nu echt wel moet gaan slapen. Morgen is een grote dag. Hopelijk de start van een mooi nieuw avontuur. 💗

Slaapwel!

Xxx Sien

Certificering

Certificering

Dragen met een tracheacanule

vocabulaire:

  • aspireren: het weghalen van slijmen in de canule, door middel van een aspirator.
  • aspirator: toestel dat een onderdruk produceert en zuigt.
  • KC: Kangaroo Carry

Wat is een tracheacanule?

Een tracheacanule is een buisje dat in de nek wordt geplaatst. Een canule wordt onder de stembanden geplaatst, waardoor stemgeluiden moeilijk tot niet doorkomen. Dit is afhankelijk van de grootte van de canule en de reden waarom deze canule wordt geplaatst. Een canule betekent 24/7 monitoring, aangezien het lichaam reageert door slijmen te maken en het kind de slijmen meestal niet zelfstandig omhoog krijgt om ze dan te gaan snuiten of doorslikken. Bij een canule zullen de slijmen dus langs de canule naar buiten komen, welke voor een opstopping kunnen zorgen en bijgevolg verstikkingsgevaar.

Reden voor een tracheacanule

Men kan in het algemeen stellen dat een canule geplaatst wordt, wanneer en luchtverplaatsing onmogelijk is via de neus, keel en de longen. De canule wordt zo geplaatst dat er geen gebruik meer gemaakt wordt van de neus en de keel. de canule staat in rechtstreeks verbinding met luchtpijp en zo ook de longen en zorgt voor de opening in de luchtpijp waarlangs geademd kan worden.

Een vernauwing in de ademhalingsweg kan ontstaan door:

  • zwelling bij een allergische reactie
  • zwelling van ontstoken weefsel
  • zwelling na operatief ingrijpen in hoofd/halsgebied
  • zwelling of schade na trauma
  • verlamming van één of beide stembanden
  • obstructie door vreemd voorwerp
  • obstructie door littekenweefsel ten gevolge van intubatie in de luchtpijp (wanneer bij beademing de ballon rond de tube op weefsel heeft gedrukt)
  • (voorlopig-) inoperatieve tumor ter plaatse
  • langdurige beademing

Gevolgen van een tracheacanule

Doordat er bij de canule geen gebruik meer wordt gemaakt van de neus en de keel, is er een hele natuurlijke, lichamelijke filtering die niet meer wordt gebruikt. Dit betekent dat de luchtpijp vrij blootgesteld wordt aan de omgeving en dus vatbaar is voor allerlei infecties en bacteriën. Dit zijn dan ook belangrijke aandachtspunten.

Om die filtering te gaan nabootsen, wordt er gebruik gemaakt van filtertjes, of de zogenaamde neuzen. Deze komen er in verschillende formaten en vormen, afhankelijk van de gewenste effecten.

Ondanks de neuzen, is de filtering niet hetzelfde als bij onze neus. Dit maakt dat deze kinderen extra gevoelig zijn aan de luchtwegen en een minste verkoudheid een ziekenhuisopname tot gevolg kan hebben. Regelmatige fysiotherapie kan ervoor zorgen dat de luchtwegen proper blijven en dat infecties en/of bacterien niet de kans krijgen om zich te gaan nestelen en de kinderen zo ziek maken. Een fysiotherapie kan een preventieve impact hebben, maar niet genezen.

Omdat er een rechtstreekse verbinding is naar de luchtpijp, is ook water een gevaarlijk element geworden. Douche en bad zijn uit de boze en wassen is een hele opdracht.

Verzorging van een canule-kind

Een canule-kind verzorgen vraagt veel en in België is er niet veel thuisverpleging met de nodige kennis of ervaring. Dit betekent dat de zorg op de ouders terecht komt. Daarnaast is België één van de weinige landen waar de kindjes niet zomaar een sonde krijgen, bij een canule. Dit betekent dat allerlei manieren van voeden mogelijk zijn.

Borstvoeding is dus prima mogelijk. Het vergt een beetje gewenning en wat zoeken naar de juiste houding, met het neusje hoeft er geen rekening te houden te worden, maar me het nekje des te meer.

Vaste voeding is ook een ander verhaal, daar er geen of minder smaakpupillen worden geactiveerd tijdens het eten en de canule recht in de knoeizone zit.

Babbelen/geluiden/huilen, alles wat ook maar enigszins met geluid te maken heeft, is er niet meer. Je kindje helemaal opnieuw leren kennen, vanaf nul. De nieuwe geluidjes leren inschatten, de apparatuur leren kennen om zo snel mogelijk afwijkend gedrag op te vangen.

Een bad nemen is bijna onmogelijk. De haartjes wassen zijn ineens een uitdaging en het kleine plasje water waar je kindje dan in kan, is amper genoeg om het te wassen.

Door een minimum aan geluiden, is het belangrijk dat het kind ten allen tijde wordt gemonitord, als er geen constante oogcontrole kan zijn.

Naast al deze verzorging en bijzonderheden, blijft het in de eerste plaats ook een kindje. Dat wil leren, spelen en ontdekken. De verzorging vraagt veel van de ouders, wat maakt dat dit laatste stukje er soms overschiet. Dat er al eens wordt vergeten, dat er meer is dan enkel de canule. Dat stukje babygeluk, roze wolk, welke termen dan ook, is soms heel ver zoek.

Canule en dragen

Inleiding

Maar wat effect kan dragen nu hebben op zo’n kleintje met een canule? Wel, heel veel. Ik heb in bovenstaande punten al een beetje uitgelegd over alle mogelijke gevolgen, maar er is nog veel meer dan enkel wat hier staat. De bovenstaande punten zijn wel veruit de belangrijkste en dragen heeft een impact op bijna al deze punten.

  1. Positie

De positie is lichtjes anders dan bij het normaal dragen. Bij het normaal dragen, hanteren we de ‘kus’-afstand: het moet mogelijk zijn om een kusje te geven op het hoofd van het kind. De canule zit in de keel van het kind, wat maakt dat er rekening moet gehouden worden met de hoogte van deze canule bij het dragen. Daarom wordt het kind hoger gedragen, zodat het dragen de canule niet belemmert.

  1. Voeden

Voeden/eten is anders voor deze kindjes, zoals reeds eerder gemeld. Er is veel tijd en aandacht voor nodig, om ze toch de mond te leren gebruiken zoals het hoort. Voeden tijdens het dragen kan hier helpen. Tijdens het dragen kan een borst heel toegankelijk zijn. Je draagt je kleintje tijdens een uitstap en het kan rustig drinken, als het honger heeft.

Studies tonen aan dat kinderen die gedragen, over het algemeen langer borstvoeding krijgen dan kinderen die niet gedragen worden. Dit kan een groot verschil in gewicht en lengte maken, als de kinderen moeilijk andere voeding willen of kunnen eten.

Mothers who reported responsive feeding were more likely to exclusively breastfeed for the first six months, breastfeed more frequently throughout the day, and had a longer planned breastfeeding duration than mothers who reported feeding on a schedule or after signs of infant distress

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6163497/

2. taalontwikkeling

Door de canule kan er een spraakachterstand zijn. Deze wordt meestal snel ingehaald, maar ook hier kan dragen een grote meerwaarde bieden.

Baby’s proberen al van jongs af aan te communiceren. Wanneer men als ouder reageert op deze communicatie of niet reageert op deze communicatie, geeft een verschil in het groeien van de hersenen. Door te dragen, merkt de drager sneller op dat de baby communiceert en zal sneller reageren op deze communicatie en daarnaast zal de baby ook de gesprekken van de drager met andere mensen kunnen volgen. Daarnaast draagt dit ook toe tot een mogelijks snellere ontwikkeling van de baby zijn taal.

Ondanks dat bij een canule er meestal geen sprake kan zijn van gebabbel, gehuil, leert het kind wel op een andere manier van communiceren. De taalontwikkeling is echter nog wel dezelfde bij een kind met als bij een kind zonder canule. Eens de canule eruit is, kan deze taalontwikkeling ervoor zorgen dat de taalachterstand sneller kan ingehaald worden of dat er zelfs geen taalachterstand is.

High levels of joint attention and reciprocity are associated with more effective communication and more rapid child language development.

https://southlondonslings.co.uk/getting-carrying-advice/benefits-of-babywearing/related-research-articles/

3. Oogcontrole

De constante monitoring kan ook voor een deel gebeuren in het draagdoek. Door de constante nabijheid van je kleintje, kan je veel oppikken van hoe kleintje zich voelt en wat er aan de hand is.

Wat moeilijker gaat met een canule-kind, toch zeker niet in het begin van de canule is rugdragen. Je moet constant de mogelijkheid hebben om de slijmen bij je kind weg te halen, dit is moeilijk tot onmogelijk op de rug. Eens de situatie gestabiliseerd is en men kan inschatten of er veel of weinig geaspireerd moet worden, kan rugdragen overwogen worden.

Navraag bij andere ouders heeft me geleerd dat ze bewust face forward gaan dragen, omdat het kind zo gemakkelijk in bereik is van een ander persoon om te gaan aspireren.

Dit is een onderdeel van de “Ticks”, indicaties om correct te dragen

IN VIEW AT ALL TIMES – you should always be able to see your baby’s face by simply glancing down. The fabric of a sling or carrier should not close around them so you have to open it to check on them. In a cradle position your baby should face upwards not be turned in towards your body.

http://babyslingsafety.co.uk/ticks.pdf

4. Geborgenheid en veiligheid

Daarnaast is 1 van de belangrijkste zaken dat je kindje zich geborgen en veilig voelt. De band met je kleintje, die anders is dan bij gezonde kindjes, soms wat moeilijker omwille van alle zorg. Die band wordt gevormd tijdens het dragen.

Een baby dat een canule moet krijgen, heeft een hele andere start dan een normale baby. Een canule is meestal een uitkomst, na reeds een heleboel testen, na reeds een heleboel uren aan de zuurstof/beademing, na reeds een heleboel uren alleen in een ziekenhuisbed te liggen, waar men zoekt naar de oorzaak en oplossing voor het probleem. Als de verpleging mee wil werken, dan wordt skin-to-skin zoveel mogelijk toegepast, maar het verschil met een normale situatie is groot. Eens de canule geplaatst is, kan dragen een veilige haven zijn voor die kleine baby. De skin to skin kan weer meer gaan gebeuren en ook kan de baby zich weer geborgen gaan voelen. De band met de drager kan weer intens groeien. Dit hele gebeuren brengt ook veel stress voor het kind mee.

.First, the act of holding may reduce stress and thereby promote autonomic stability .

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4148008/.

Daarnaast komt een canule ook met vele keren onder narcose gaan. Ze gaan dan kijken of de oorzaak van de canule evolueert. Dit gebeurt in een OK. Het is voor het kind zeer fijn om gedragen te worden naar het ok, om nog veilig en geborgen gedragen te worden door de drager tot aan het ok. Indien de drager zich gerust voelt in de situatie, zal het kind dit merken en zo ook geruster zijn. De indrukken van de rollende bedden, de andere zieken mensen op de gang, de vele liften, de vele dokters en verpleging,… Het ontgaat het kind als het zich volledig of gedeeltelijk kan afsluiten van de buitenwereld.

5. Afscherming

De omgeving wordt ook een hele andere plek dan voor de canule. Elke plek wordt geanalyseerd of het er druk zal zijn, welk seizoen het is, welk weer wordt het, allerlei factoren waar rekening mee wordt gehouden. Door je kindje te gaan dragen, kan je het een deel afschermen van de buitenwereld en zijn bijkomende bacteriën.

De canule staat in rechstreekse verbinding met de luchtpijp. Dit betekent dat het een rechstreekse verbinding is voor de bacteriën, waardoor ze vatbaarder zijn voor luchtweginfecties. Dragen kan ervoor zorgen dat de kinderen zich kunnen afschermen of dat de drager het kind kan afschermen voor andere mensen.

6. Monitoring zuurstofgehalte

Een canule-kind krijg automatisch een monitor mee. Het is belangrijk om de zuufstofgehalte in zijn bloed (saturatie) te kennen, omdat dit veel kan vertellen over de gezondheid van het kind. Daarnaast kan het in het begin moeilijk zijn voor het kind om een goede saturatie te bekomen. De saturatie kan zakken, wat allerlei oorzaken kan hebben. Een licht dalende saturatie kan zo een luchtweginfectie weergeven.

Daarnaast is een canule nog steeds een vreemd voorwerp voor het lichaam. De luchtpijp gaat extra slijmen aanmaken om dit vreemde voorwerp te gaan ‘aanvallen’. Dit beïnvloedt allemaal de ademhaling en dus ook de saturatie.

Daarnaast is de houding van het kind tijdens het dragen, verticaal,

The higher head and chest elevation could possible decrease obstructive apnea

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4148008/

Onderzoek toont aan dat de Kangaroo Carry (KC) een invloed heeft op de saturatie van een kind.

KC reduces bradycardia and oxygen desaturation events in preterm infants, providing physiological stability and possible benefits for neurodevelopmental outcomes. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4148008/

Besluit

Ik heb voor dit onderwerp gekozen, nadat we zelf met een tracheacanule in aanraking zijn geweest. Zonder al dit te weten, had ik misschien niet de moed gevonden om mijn dochter te dragen. De constante oplettendheid en de constante mogelijkheid om haar te moeten behandelen tegen slijmen, maken dat het gewoonweg ‘gemakkelijk’ is om haar in een buggy te leggen. Ik heb geprobeerd om haar zoveel mogelijk te dragen en we hebben de voordelen ervan gemerkt. Ze is rond haar 1 jaar beginnen stappen: iets wat misschien niet abnormaal lijkt, maar wetende dat haar lichaam eerst alle energie steekt in de vitale functies, alvorens energie te steken in het verdere groeien. Door de houding tijdens het dragen, kon zij steeds goed ademen. Naast alle medische zaken, was zij ook vooral een baby die de behoefte had aan huidcontact, aan de zekerheid dat mama dichtbij was. Tijdens het dragen was ze rustig en op haar gemak, wat haar saturatie ten goede kwam. Nadat de canule eruit gehaald werd, is zij beginnen babbelen. Tegen dat ze 2 jaar was, had ze reeds een woordenschat om u tegen te zeggen. Tijdens het dragen, maak ik gemakkelijk contact met mijn kind. Daardoor babbelde ik heel veel met haar, wat maakte dat ze reeds veel wis, maar het gewoon niet kon vertellen. Die schade heeft ze goed weten inhalen. Ik kan wel een boek schrijven, denk ik, over de impact van dragen op mijn dochter. De belangrijkste zaken heb ik eruit gehaald, zaken waarvan ik zelf weet dat ze impact op haar hebben gehad, in de positieve zin.